Pop / Rock Dance Hiphop Jazz Wereld Klassiek Hedendaags Podia Festivals Genreboom

BOY EDGAR

Overzicht | Biografie | Discografie | Foto's | Audio/Video

Boy Edgar bij het programma Jazz In Beeld 1970 (bron: fotocollectie Beeld en Geluid)

Periode

31-03-1915 - 08-04-1980

Genre

hard bop, jazz, swing

Boy Edgar

Autodidact Boy Edgar (Amsterdam, 31 maart 1915 - Amsterdam, 8 april 1980) is een van de flamboyantste figuren uit de Nederlandse jazz. Hij heeft gewerkt met vele toonaangevende Nederlandse jazzmusici en met vele internationale sterren op het podium gestaan zoals: Nina Simone, Ben Webster, Abbey Lincoln, Betty Carter en Eric ...
Volledige biografie...

Genoemd in de biografie van

1938   Kid Dynamite
1951   Ado Broodboom
1960   Dick van der Capellen
Meer resultaten... Minder resultaten

Biografie Boy Edgar

Autodidact Boy Edgar (Amsterdam, 31 maart 1915 - Amsterdam, 8 april 1980) is een van de flamboyantste figuren uit de Nederlandse jazz. Hij heeft gewerkt met vele toonaangevende Nederlandse jazzmusici en met vele internationale sterren op het podium gestaan zoals: Nina Simone, Ben Webster, Abbey Lincoln, Betty Carter en Eric Dolphy. Om zijn studie geneeskunde te bekostigen, treedt Boy Edgar vanaf de jaren dertig op als trompettist en pianist. In de jaren zestig is hij leider en arrangeur van Boy's Big Band, een jazzorkest rond hardbopcombo The Diamond Five. In zijn schetsmatige arrangementen laat Boy Edgar veel ruimte voor solo's en improvisatie. In feite probeert hij met Boy's Big Band het onmogelijke: een strak swingende big band, die tegelijkertijd improviseert. Het leidt tot opwindende, soms chaotische, maar immer spraakmakende optredens in binnen- en buitenland. Ook maakt het orkest twee LP's die zowel bij de critici als bij het publiek in de smaak vallen. Duke Ellington is altijd Boy Edgars grote voorbeeld geweest. Uiteindelijk zal hij zelf, als leider van Nederlands enige, echte jazzorkest (Boy's Big Band is het enige professionele orkest uit die tijd dat alleen jazz speelt; andere bands uit die tijd, zoals The Ramblers en The Skymasters, spelen naast jazz ook andere populaire muziek), als een soort 'Nederlandse Duke Ellington' de geschiedenis ingaan

1915 - 1935

Boy Edgar wordt als George Willem Fred Edgar geboren in Amsterdam als zoon van een welgestelde handelaar in Indische producten. Zijn vader, Alexander George Edgar, overlijdt in 1935, kort nadat hij al zijn bezittingen is kwijtgeraakt door de economische crisis. Wanneer Boy Edgar voor het eerst Mood Indigo van Duke Ellington hoort, besluit hij dat hij ook dit soort muziek wil maken. Hij leert zichzelf trompet en piano spelen en treedt hier en daar op, onder meer tijdens de avonden van de Nederlandse Jazz Liga in Amsterdam. Met de opbrengsten financiert hij zijn studie geneeskunde.

1936 - 1945

In 1936 wint Boy Edgar op trompet de eerste prijs tijdens een concours voor amateur-solisten in Brussel. In hetzelfde jaar treedt hij als trompettist - en later ook arrangeur - toe tot dansorkest The Moochers. In de periode 1938-'39 speelt hij daarnaast piano bij de Blue Ramblers van Pi Scheffer. In 1939 wordt Boy Edgar leider van The Moochers, maar wanneer het nazi-bewind in 1942 Nederlandse musici verbiedt jazz te spelen, houdt het orkest noodgedwongen op te bestaan. Af en toe ziet Boy Edgar nog kans losse schnabbels te doen; zo treedt hij in 1942 met Kid Dynamite op in dancing Belvedère in Rotterdam. Ook levert hij composities en arrangementen voor het orkest van Dick Willebrandts, zoals het geavanceerd 'Ellingtoniaanse' Ratten Op De Trap, dat de band in 1944 op de plaat zet. Maar de meeste tijd richt hij zich nu op zijn studie geneeskunde om in 1943 zijn bul te halen.

Dick Willebrandts Kid Dynamite

1945 - 1950

Na de bevrijding wordt Boy Edgar de vaste arrangeur voor het orkest van Piet van Dijk. Daarnaast verzorgt hij arrangementen voor het Metropole Orkest en The Skymasters. En vrijwel gedurende heel 1946 speelt hij piano bij The Grasshoppers. In 1948 begint Boy Edgar zijn eigen combo, met deze band toert hij onder meer door Oostenrijk en Zwitserland.

Metropole Orkest Piet van Dijk (1) Skymasters

1950 - 1958

Boy Edgar is werkzaam als wetenschappelijk ambtenaar bij de Rijksuniversiteit van Utrecht. Intussen treedt hij ook her en der op als trompettist en pianist, zo treedt hij op 22 maart 1952 op met de eenmalige combinatie The Black and White Stars in het voorprogramma van Dizzy Gillespie in het Amsterdamse Concertgebouw. Op 7 juli 1955 promoveert Boy Edgar in Amsterdam cum laude op een dissertatie over processen in het zenuwstelsel bij multiple sclerose, de ziekte waaraan zijn vrouw, Mimosa Frenk, lijdt. De volgende jaren wijdt hij zich volledig aan de verzorging van zijn zieke vrouw; hij moet daarom zijn muzikale activiteiten staken. In 1958 overlijdt Mimosa Frenk.

1960

Op 27 december 1960 maakt Boy Edgar zijn rentree in de jazz als leider van een big band. Bevriend musicus Ado Broodboom stelt een zestienkoppige big band samen rond de leden van The Diamond Five voor wat bedoeld is als een eenmalig optreden in het Amsterdamse Concertgebouw. Hij vraagt Boy Edgar om 'ervoor te komen staan, zodat de boel niet in het honderd loopt', zoals Edgar later laconiek zal vertellen in een televisie-interview. Maar het optreden is zo'n daverend succes dat de VARA besluit de big band in te huren als radio-orkest - waarmee Boy's Big Band is geboren. De bezetting op 27 december 1960 is als volgt: Boy Edgar (leider en arrangementen), Cees Slinger (piano), Jacques Schols (bas), Johnny Engels (drums), Tinus Bruijn (altsax), Theo Loevendie (altsax en arrangementen), Harry Verbeke en Rudi Brink (tenorsax), Toon van Vliet (tenorsax en baritonsax), Ado Broodboom, Cees Smal, Wim Kuylenburg en Bert Grijsen (trompet), Karel Roberti (trompet en mellofoon), Rudy Bosch, Tommy Green en Bert Duiveman (trombone).

Ado Broodboom

1961

Edgars stijl als bandleider en arrangeur laat bij Boy's Big Band veel ruimte voor improvisatie en solo's. In een interview met Rud Niemans in De Telegraaf omschrijft Edgar zijn manier van werken als volgt: 'Je moet éérst uitgaan van de mensen in je orkest. Ik wil het idee benaderen van de geïmproviseerde samenklank, de jam session, geen speciale sound. Ik heb voorkeur voor een breed saxteam, een flexibele bezetting, en ik wil altijd proberen mensen, die iets presteren, erbij te krijgen.' Sommigen noemen Boy Edgars stijl chaotisch. Eddy Determeyer bij het overlijden van Boy Edgar: 'De orkestleider leek zich in zijn element te voelen, wanneer alles in het honderd liep. Vanuit een volkomen chaos opererend wist hij vrijwel altijd op wonderlijke wijze improviserend tot een acceptabel resultaat te komen.'

1964

In december 1964 ontvangt Boy Edgar de Wessel Ilcken Prijs, de Grote Prijs van de Nederlandse Jazz.

1965

In de zomer van 1965 speelt Boy's Big Band op het jazzfestival van Antibes. Om dit mogelijk te maken, heeft Edgar de overheid bewogen tot een subsidie, de eerste Nederlandse overheidssubsidie ooit voor een jazzformatie. Michiel de Ruyter constateert over het Franse optreden in Het Parool: 'Het orkest speelde vrij nerveus […]. Niettemin bleek de muziek bij het publiek aan te slaan en vooral Dick van der Capellen's bassolo in Solitude (een geheel vrije improvisatie) maakte het publiek stil om te luisteren en oogstte een geweldig applaus.' Aan het eind van het jaar verschijnt de debuut-LP van Boys' Big Band, Now's The Time. De plaat bevat stukken van Charlie Parker, Duke Ellington, John Coltrane en Thelonious Monk, gearrangeerd door Boy Edgar. Daarnaast eigen composities van Boy Edgar en Theo Loevendie, respectievelijk Competitive Challenge, en Return. Het album wordt door de pers lovend ontvangen. Het blad Jazzwereld roept het album uit tot Plaat van de Maand. Recensent Bert Vuijsje schrijft: '...een plaat waarop door iedereen met enorm elan en on-Nederlandse overgave wordt gemusiceerd. Eindelijk een Nederlandse jazzplaat om trots op te zijn.'

Theo Loevendie

1966

Boy's Big Band speelt in de zomer op het Holland Festival met gastoptredens van onder anderen Abbey Lincoln en Ben Webster. Michiel de Ruyter schrijft een enthousiast verslag voor Het Parool: 'Geladen stiltes, geluidsexplosies, een enorme variatie in klanken en ritmen. […] Het was een feest, een grandioos feest. […] Boy Edgar, initiatiefnemer en motor achter dit alles, mag men bijzonder dankbaar zijn.' Najaar 1966 gaat Edgar voor drie jaar naar de Verenigde Staten om daar aan verschillende universiteiten medisch onderzoek te verrichten en les te geven. Theo Loevendie neemt de leiding van Boy's Big Band over, maar met het vertrek van Boy Edgar heeft het orkest zijn ziel verloren.

1967

Boy Edgar en Nina Simone tijdens een televisieoptreden De tweede LP van Boy's Big Band, Finch Eye (nog opgenomen onder Edgars leiding), verschijnt en wint een Edison.

1971

Boy Edgar bij het programma Jazz In Beeld 1970 (bron: fotocollectie Beeld en Geluid) Televisieopname voor de VARA van het jubileumconcert van Boy's Big Band met gastoptreden van Nina Simone. Tijdens de repetities spreekt Nina Simone zeer lovend over haar Nederlandse collega en zegt te hopen dat 'Nederland zich realiseert hoe groot hij is'. Het zal het afscheidsconcert van de band blijken te zijn.

1972 - 1980

Boy Edgar en Sonja Barend bij het programma Leven In Beeld (bron: fotocollectie Beeld en Geluid) In de jaren zeventig begint Edgar de Boy Edgar Sound, een workshop-achtig collectief met een enigszins experimenteel karakter, dat wekelijks volle zalen trekt in het Amsterdamse Shaffy Theater. Vaste vocaliste is Gerrie van der Klei. Andere musici die deelnemen aan het collectief zijn drummer Martin van Duynhoven en de saxofonisten Piet Noordijk, Toon van Vliet en Hans Dulfer. Laatstgenoemde wordt door Boy Edgar een keer ontslagen, als hij zich al te melig opstelt tijdens een repetitie, om vervolgens dezelfde nacht weer te worden aangenomen, als dubbelbetaalde gastsolist. In 1973 verschijnt de LP Live In Shaffy van de Boy Edgar Sound. Rudy Koopmans schrijft op 16 juni 1973 in de Volkskrant: 'Boy Edgar heeft in de loop van dit jaar in het Amsterdamse Shaffy Theater een unieke sfeer opgebouwd waarbij bijna ongrijpbare aspecten van erotische aard een niet te onderschatten rol spelen. Ook zaterdagnacht werd weer uiterst informeel gemusiceerd en tussen neus en lippen door een paar ijzersterke soli geproduceerd.' In 1975 maakt Boy Edgar de plaat Duke Ellington: Music Was His Mistress. Het album bevat soli van onder anderen Ado Broodboom, Ruud Brink, Toon van Vliet en Martin van Duynhoven, en van Amerikaanse musici als Benny Bailey, Art Taylor, Johnny Griffin, en de op Jamaica geboren Dizzy Reece. In 1979 stopt Boy Edgar als huisarts om zich volledig op de jazz te concentreren. Er zijn plannen om naar Amerika te gaan, maar het zal er niet meer van komen. In 1980 overlijdt hij aan een leverkwaal. Zijn dood komt onverwacht voor buitenstaanders, maar niet voor intimi die lang hebben moeten toekijken hoe Boy Edgar meerdere levens tegelijk leefde: als geliefd en onorthodox huisarts, als gerenommeerd wetenschapper, en als bruisend bandleider en jazzmusicus. Als eerbetoon wordt de Wessel Ilcken Prijs, de belangrijkste Nederlandse jazzprijs, omgedoopt tot Boy Edgar Prijs.

Hans Dulfer

Discografie Boy Edgar

In de discografie worden officiële opnamen die zijn uitgebracht van de betreffende persoon, band of ensemble per soort geluidsdrager chronologisch opgesomd. Meerdere uitgaven binnen hetzelfde jaar staan alfabetisch gerangschikt. Bij Gastbijdragen worden alleen bijdragen gelinkt aan platen van acts die een volledige vermelding hebben in de Muziekencyclopedie. Dit overzicht is bedoeld als index en biedt daarom geen volledige opsomming. Als muzikanten ook deel uitmaken van de bezetting van een band die in de encyclopedie staat, zijn de discografische gegevens terug te vinden bij de desbetreffende band.

Foto's Boy Edgar

Audio/Video Boy Edgar

Er is nog geen audio- of videomateriaal aanwezig.
Zelf audio of video toevoegen

Zelf audio of video toevoegen

Muziekencyclopedie.nl op Facebook Muziekencyclopedie.nl op Twitter

reageer